Nieuws27/10/'09 - Persbericht Themamiddag FraudeVan de drie doelstellingen van de Stichting Salvage zijn de directe persoonlijke hulpverlening aan gedupeerden (‘schouderfunctie’) en het treffen van schadebeperkende maatregelen bij een calamiteit de meest bekende. Hoewel stichtingsvoorzitter Kees Krijgsman nadrukkelijk aangeeft dat beide zaken, die zowel door gedupeerden als door verzekeraars bijzonder hoog worden gewaardeerd, ook in de toekomst tot de primaire taken van de Salvagecoördinator zullen blijven behoren, vraagt de stichting nadrukkelijk de aandacht voor het derde en meest onderbelichte onderdeel van het Salvagewerk: de zaakwaarneming namens brandverzekeraars.“ Doordat de coördinator de eerste persoon is die namens de verzekeringsbranche ter plaatse is bij een calamiteit, kan hij of zij ter plaatse zaken signaleren over toedracht en omstandigheden die relevant kunnen zijn voor de betreffende verzekeraar”, zo stelde Krijgsman tijdens de druk bezochte themamiddag rond het onderwerp ‘Fraude’, die de Stichting Salvage op 8 september jl. in Ede organiseerde voor zowel Salvagecoördinatoren als contactpersonen bij verzekeraars. Gezien de vele reacties vanuit de zaal heeft de Stichting besloten over dit thema een tweede bijeenkomst te organiseren.
De eerste van de drie inleiders, mr. Lex Westerman (Verbond van Verzekeraars) plaatste die zaakwaarnemingrol in een groter geheel: dat van de marktbrede aanpak van verzekeringsfraude. Zo informeerde hij zijn gehoor over de noodzaak en resultaten van het grootschalige ‘Delta Plan Aanpak Verzekeringsfraude’, waarmee alleen al op het gebied van schadeverzekeringen een bedrag is gemoeid van circa één miljard euro. In twee jaar tijd heeft de aanpak er volgens hem toe geleid dat bij driekwart van de verzekeraars de inspanningen om fraude tegen te gaan op een hoger plan is gekomen en dat, gemeten, naar premie-inkomen, 40% zelfs het hoogte niveau heeft bereikt. Hij kondigde tevens aan dat het komende jaar gestart wordt met de aanpak van fraude bij levens-, arbeidsongeschiktheids - en zorgverzekeringen. Westerman stond voorts stil bij het belang van een publiekprivate samenwerking, op welk terrein middels een recente wetswijziging meer mogelijk is geworden, met name op het terrein van een (tijdige) verstrekking van gegevens tussen politie en verzekeraars. In dit verband stipte hij de huidige pilot aan in Limburg, waarbij tussen verzekeraars, politie (korps Limburg Noord/Zuid) en het Openbaar Ministerie informatie wordt uitgewisseld ten aanzien van onder meer de oorzaak van de brand. Daarbij worden ook de bevindingen van de technische recherche, brandweercommandanten, het NFI (Nederlands Forensisch Instituut), Salvagecoördinatoren en experts meegenomen, alsmede verklaringen van getuigen en verdachten. Sinds de start van de pilot heeft volgens Westerman informatie-uitwisseling plaatsgevonden inzake 266 brandmeldingen.
Jurist mr. Osgar van Tricht (Bosselaar & Strengers Advocaten) belichtte het thema uit het perspectief van civiele procedures. Daarbij wees hij nadrukkelijk op het belang om zoveel mogelijke informatie te verstrekken over de toedracht van een schade. “Ook al staat brandstichting – en dus fraude – vast, wil dat nog niet zeggen dat dit gegeven in een civiele procedure daadwerkelijk stand houdt. De bewijslast voor verzekeraars is doorgaans lastig: fraudezaken vallen of staan met de feiten die de verzekeraar kan en meestal ook moet bewijzen. Fact finding vanaf het allereerste moment is vaak doorslaggevend: de rol van de Salvagecoördinator kan daarin doorslaggevend zijn, zonder dat hij/zij actief aan toedrachtonderzoek doet. Het observeren en ‘behouden’ van de feitelijke toestand direct na het ontstaan van een brand is in dat verband zeer belangrijk.”
Toedrachtonderzoeker Henk Biesboer (Biesboer Expertise) stelde nadrukkelijk dat “het slechts eenmaal mogelijk is een technisch onderzoek goed uit te voeren”. Hoewel hij onderkent dat er tegenstrijdige belangen spelen tussen onderzoek en schadebeperkende maatregelen wees hij de Salvagecoördinatoren op zaken die voor een toedrachtonderzoek van essentieel belang zijn. “Tracht in overleg met bevelvoerder de plaats van het onderzoek zoveel mogelijk af te schermen en communiceer goed met betrokkenen over de redenen daarvan. Probeer een eventuele sloop zo beperkt mogelijk te houden, maak foto’s en leg zoveel mogelijk van je bevindingen vast waarop verzekeraars later desgewenst kunnen terugvallen.”
Bij de foto: mr. Osgar van Tricht , Kees Krijgsman (voorzitter Stichting Salvage), Brenda Reinders (directeur Stichting Salvage), mr. Lex Westerman en Henk Biesboer. Presentatie Henk Biesboer.pdf Presentatie Lex Westerman.pdf Presentatie Osgar van Trigt.pdf « Terug |
Lees de laatste"Uit de Brand" ![]() |
Nieuws