Geplaatst op 17 februari 2016

Beïnvloedt klimaatverandering de inzet van Stichting Salvage?

De felle onweersbuien, natte zomers, zonnige herfstmaanden en zachte winters, die wellicht het gevolg van klimaatverandering zijn, hebben gevolgen voor de inzet van de dienstverlening van Stichting Salvage. In 2015 steeg de hulpvraag in juni, vanwege frequente blikseminslag, en in juli-augustus, vanwege wateroverlast. Omdat door het mooie najaar het stookseizoen later begon, daalde het aantal meldingen in de herfst en het begin van de winter.

 

Stichting Salvage biedt gedupeerden hulp, beperkt de schade en treedt namens de gezamenlijke Nederlandse brandverzekeraars op na calamiteiten als branden, explosies en overstromingen. In 2015 werd Salvage 4.332 keer opgeroepen om na een calamiteit hulp te verlenen. Dit betekende een stijging van 2,5 procent ten opzichte van de 4.226 meldingen in 2014. In 2015 waren er diverse omvangrijke incidenten, met veel gedupeerden, waarbij een beroep op Salvage werd gedaan. Voorbeelden zijn de brand in wooncomplex De Notenhout in Nijmegen, het ongeval met de bouwkranen in Alphen aan den Rijn, de gasexplosie in een flat in Heerlen, de ondergelopen parkeergarage onder een wooncomplex in Nijmegen en de zeer grote brand in de binnenstad van Purmerend.

Objecten en belendingen

Van de branden waarbij Salvage werd ingeschakeld, daalde het aantal kleine branden, maar steeg het aantal middelgrote en grote branden. Daardoor was er ook een toename van het aantal GRIP 1- en GRIP 2-meldingen, evenals van het aantal objecten waarbij hulp werd verleend. Dit aantal steeg in 2015 ten opzichte van 2014 met 6,2 procent tot 6.512 objecten. Deze stijging betreft vooral de belendingen. Het aantal belendingen neemt al sinds 2011 toe en komt inmiddels uit boven 30 procent van de objecten. In het verleden was de verdeling jarenlang 75-25 procent.

Brand discrimineert

Brand discrimineert, zo blijkt ook nu weer uit de cijfers. Van de branden ontstond 70 procent in een gehuurd pand, terwijl landelijk slechts 42 procent van de woningen wordt gehuurd. Afgezet tegen het aantal inwoners in een veiligheidsregio kwamen de meeste brandmeldingen uit Zuid-Limburg en de minste uit Hollands Midden. Branden doen zich op alle dagen van de week ongeveer evenveel voor, maar het meest op vrijdag. De meeste branden ontstaan vroeg in de avond en de minste vroeg in de ochtend.

Contra-expertise

Uit terugontvangen enquêtes (circa 20 procent) blijkt dat in 13 procent van de branden een contra-expert werd ingeschakeld (was 11 procent in 2014). Dit gebeurde in 44 procent van de gevallen op aanraden van de verzekeraar, de tussenpersoon of de assurantiemakelaar. Ten opzichte van 2014 betekende dit een stijging met 13 procent. In 9 procent van de gevallen werd de contra-expert ingeschakeld na actieve benadering door een contra-expertisebureau (was 15 procent in 2014).

Waardering

In 2015 kreeg Stichting Salvage gemiddeld het cijfer 8,4 (op 10) voor haar hulpverlening. De bekendheid nam vorig jaar iets toe: 19 procent van de gedupeerden gaf aan Salvage te kennen voordat zij er zelf mee in aanraking waren gekomen. In 2015 trad Stichting Salvage op voor 98 verzekeraars, 423 gevolmachtigden en 59 verzekeringsmakelaars. Meer feiten en cijfers zijn te vinden op de in 2015 vernieuwde website: www.stichtingsalvage.nl.

Over Stichting Salvage

Stichting Salvage werd in 1986 opgericht vanuit een samenwerkingsverband van de gezamenlijke Nederlandse brandverzekeraars. De stichting werkt met een landelijk netwerk van Salvagecoördinatoren. Zij worden op verzoek van de meldkamer van de brandweer ingeschakeld voor hulp aan gedupeerden, het beperken van schade en werkzaamheden namens de brandverzekeraars.